Faire confiance aux hommes c’est déjà se faire tuer un peu. Louis Ferdinand Céline
2009
Een blauwgrijze waas trekt over Samya’s ogen. Een kort moment lijkt ze blind. Dat moment, wat 2 seconden, 2 minuten, jaren of eeuwen duurt, voelt ze twaalf jaar door zich heen trekken. Vanaf de dag dat ze haar moeder vaarwel zei tot nu. Mannen zonder gezicht rollen met een zucht van haar donkere lichaam. Een briefje van vijfentwintig op het nachtkastje. Brandende sigaretten op haar huid. Het verloren kind. De koude nachten op straat. Het verraad van de oom. Het verraad van haar moeder. De dreigementen en de geur van angst. De verhoren door politie en IND. Het gelach van vrouwen in opvanghuizen. De rijen voor het immigratieloket. Bekentenissen, beloftes, dreigementen, wat is het verschil? Helder en lucide beleeft ze alles tegelijkertijd, terwijl de wethouder haar hand schudt. Hij merkt het niet. Hij lacht en denkt aan zijn jonge vrouw. In de zaal zitten Lisette, Pia en Amelie te kijken naar het onverschillige ritueel dat nationalisatie heet. Lisette huivert. Pia denkt ‘Goddank, nu is ze veilig’. Amelie verveelt zich, het duurt zo lang.
De ceremonie loopt ten einde. Tussen portretten van het koningshuis serveert een man drankjes. Een duo zingt omlijstende kerstliederen. Niemand luistert. Samya’s ogen hebben weer hun diep donkere klank. De beelden zijn uit haar hoofd. Haar lichaam siddert na. Ze blijven niet lang. De anderen evenmin. De mensen in deze zaal willen niet aan hun verleden herinnerd worden. Ze vragen niet ‘Waar kom je vandaan?’ Ze zien het antwoord in elkaars ogen. Ze ruiken de geur van vernedering en heimwee in de jassen die dichtopeengepakt in de garderobe hangen. De angst om teruggezonden te worden is nog knapperig als vers brood. Niet nadenken over je afkomst, vergeten dat je asielzoeker genoemd wordt. Want een asielzoeker is alleen dat, een in waarde gedaald mens op zoek. Een asielzoeker is nooit een dokter of een bakker. Een asielzoeker roept medelijden op of afkeer. Aan een asielzoeker vragen mensen niet: ‘Hoe gaat het?’ Nee, mensen vragen: ‘Waar kom je vandaan?’ Niet nadenken over wat je verloren hebt, onderweg naar dit paspoort. Je niet afvragen of het ‘t waard was. Wat is een leven waard als de wortels geen aarde voelen?
Door Caro Sicking, nonfiXe, september 2010

Plaats een reactie for “Uit: Wat de hel!”